‘Nao de Hòmmis’

op mrt 26, 17 in ‘Nao de Hòmmis’ met Reacties uitgeschakeld voor ‘Nao de Hòmmis’

Tot ver in de jaren ’60 was de Hoogmis op zondagmorgen vaak tot de laatste plaats bezet. Ná de Hoogmis was het in de omliggende cafés niet veel anders. Onder het genot van een glas bier of een borrel werden verhalen verteld, ervaringen uitgewisseld en het dorpsnieuws aan elkaar doorverteld. In ‘Nao de Hòmmis’ gaan we wekelijks opnieuw dat dorpsnieuws aan elkaar doorvertellen. Humoristisch, ernstig, zelf gezien of van horen zeggen.

Nao de Hòmmis van 26 maart

Piet: Ons dorp blijft toch maar aardig in het nieuws. Eerst met die gratis condooms van Peelgeluk en nu weer met het oude raadhuis. Ik mag dat wel.
Jo: Maar wat het een nu met het ander te maken heeft, snap ik niet zo goed.
Bert: Maar dat hoeft ook niet. Dat is net als met politici in verkiezingstijd. Die hanteren de stelregel: Wat ze over je zeggen is niet belangrijk; áls ze maar over je praten. En dat is met een dorp ook zo. Je moet in de belangstelling blijven en dat lukt momenteel aardig.
Ger: Maar hebben jullie begin van de week dan dat stuk gelezen over Henk Beckers. Dat past toch ook echt wel in de rubriek positief nieuws.
Piet: Een verhaal over een gewone man die zich op verschillende manieren inzet voor ons dorp. En mooi hoe die journalist beschrijft hoe verknocht Henk en zijn vrouw aan ons dorp zijn. Zelfs nooit buiten het dorp op vakantie gegaan, totdat broer Huub kwam te overlijden.
Bert: Huub en zijn Irma waren helemaal verslingerd aan Tirol. En nu gaan Henk en zijn vrouw Hennie hem daar jaarlijks even goeiendag zeggen. Echt een mooi verhaal.

======================================================
Wim: Ik las een stuk in de krant, waarbij ik het gevoel kreeg dat ik terug ging in de tijd. Het Sauerland, de Eifel en de Moezel zouden weer volop in de belangstelling staan van de Nederlandse vakantieganger.
Piet: Ik herinner me nog als de dag van gisteren dat we vroeger gingen kamperen in Köningswinter of Cochem. Roetje Ghielen ging in die jaren met volle bussen naar Monschau en de Ruhrsee. Maar ja, ‘Das war einmal’.
Cor: Maar ik begrijp van Wim dat het juist weer terugkomt. Vroeger zeiden ze al dat de geschiedenis zich blijft herhalen en ik denk dat dat waar is. Zowel in goed als kwaad. Maar terugkomend op die vakantietrek naar Duitsland: verleden jaar is de KBO met een volle bus een week in het Sauerland geweest en dit jaar gaan ze een weekje naar de Moezel. Dat pas precies in dat plaatje dat Wim schetst.
Jan: Dat kan misschien opgaan voor ons ouderen, maar niet voor de jeugd. Die reizen als ze twintig zijn al de halve wereld over. Die blijven hier echt niet in de buurt rondhangen.
Wim: Klopt, maar daar in die vroegere Duitse vakantiestreken richt men zich ook heel specifiek op de ouderen en dat tegen best redelijke prijzen.
Piet: Ik mag dat wel. Overdag wat wandelen of bijvoorbeeld een tocht met de rondvaartboot op de Moezel. ’s Avonds een goed bord eten en dan op een mooi terras met een lekker glas bier of een mooi glas wijn de avond afsluiten. “Laat de boeren maar dorsen in Meijel, denken ons Mien en ik dan stiekem. Wij zijn in juni in ieder geval weer van de partij als de KBO naar de Moezel gaat.

====================================================
Wiel: Ons dorp krijgt wel horeca met allure. Na het ‘Oranje Hotel’ en de ‘Heere van Meijel’ nu de ‘Burgeméster’ in het oude raadhuis.
Lei: En allemaal proberen ze toeristen te trekken. Oranje met ‘Tante Truus’, de Heere met tuk tuks en Trabantjes en bij de Burgeméster beginnen ze met iets buitenaards begrijp ik uit de krant.
Jan: Wat ze daar gaan doen, daar begrijp ik echt ‘de balle van’. Truus wil in ieder geval dat zodra het open is wel gaan kijken. Kunnen we er in ieder geval over meepraten, zegt ze dan en daar heeft ze natuurlijk gelijk in.
Wiel: Aan de buitenkant ziet het er in ieder geval fraai uit met die nieuwe kleuren. Moet je van de zomer eens zien. Daar op het terras met een lekker glas en bij de fonteinen is van alles te zien. Je waant je zo op vakantie. Kunnen we ’s avonds door ons eigen dorp gaan flaneren. Is natuurlijk wel de vraag of ze allemaal de kop boven water houden.
Lei: Dat zou allemaal wel eens mee kunnen vallen. Je trekt met nieuwe activiteiten en goede horeca natuurlijk ook nieuwe mensen aan en daar profiteren alle ondernemers in het dorp van. Wacht maar eens, de tijd dat Meijel in de zomer duizenden vakantiegangers trok met al die campings, gaan weer herleven. Maken we ze in Helden weer stinkend jaloers!

=====================================================
Jo: Het is weer paddentijd, zag ik op de televisie . Overal zijn groepjes mensen in de weer om te voorkomen dat die arme beestjes bij het oversteken worden doodgereden.
Lins: Die padden hebben er geen notie van in welk gevaar ze zich begeven. Daarvoor is de paringsdrang blijkbaar te sterk. Kan me daar trouwens wel iets bij voorstellen…
Jan: Maar toch mooi dat ze van alle kanten hulp krijgen. Niet alleen het IVN, maar ook de gemeente steken de helpende hand toe. Samen met buurtbewoners worden zo honderden van die beestjes toch maar veilig overgezet.
Jo: Met wat aandacht van iedereen kan veel dierenleed worden voorkomen. In dat opzicht doen clubs als het IVN en Milieuorganisaties veel goed werk. Jammer wat mij betreft dat het af en toe wat doorslaat. De ontwikkeling van een heel industrieterrein kan worden stilgelegd omdat er een heel bijzonder plantje of krekel voorkomt. En dat gaat me dan weer net te ver.

 

Pin It

Related Posts

Comments are closed.

« »

Scroll to top