Sóndese koost van zondag 7 December 2025
Ook in ons dorp krijgt de zondagmorgen al geruime tijd een heel andere invulling dan vroeger. Stonden de vrouwen destijds de hele morgen aan het fornuis om – als manlief uit de Hòmmis/café kwam – ‘Sóndese koost’ op tafel te brengen, hoe anders is dat tegenwoordig. De vrouwen gaan nu op de zondagmorgen met vriendinnen lekker wandelen, al mogen – bij uitzondering – ook wel eens de mannen mee. En als regel wordt die wandeling afgesloten met een lekkere kop koffie of een drankje in een van de Méélse horecagelegenheden. Over alle zin en onzin die ter sprake komt, leest u wekelijks in onze rubriek ‘Sóndese koost’.
Willemien: Ik loop vanmorgen een korte ronde.
Marjo: Goedemorgen Marjo, hoe is het met jou?
Willemien: Sorry, maar ik heb het druk vandaag. Maar je hebt gelijk, hoe is het met je?
Marjo: Prima hoor! De kerstboom staat. Op naar het kerstfeest.
Willemien: Ik dacht de boom vandaag te zetten maar dat gaat niet lukken. Ik heb het te druk.
Marjo: Nou zeg, de dag is net begonnen en jij bent al aan het stressen. Waar heb je het zo druk mee vandaag?
Willemien: Met van alles ik en ik heb een probleem.
Marjo: Druk zijn doe je je zelf aan en problemen zijn er om op te lossen.
Willemien: Klopt, je hebt gelijk Marjo. Maar vanmiddag weet ik echt niet hoe ik het moet oplossen.
Marjo: Vertel, misschien kan ik je helpen.
Willemien: Onze Max kan vanmiddag misschien wereldkampioen worden en ik moet om 15.00 uur naar D’n Binger.
Marjo: Sorry, ik kan je niet helpen. De formule 1 kan ik niet laten verzetten. En ik krijg bezoek. Maar waarom moet je naar D’n Binger?
Willemien: Daar is de verkoop van kaartjes voor het ‘Vier kèrre éllef’.
Marjo: Wat vier keer elf? Dat is 44 . Wat is er 44 in D’n Binger?
Willemien: De liedjesavond in Meijel. Daar heb ik zin in! Mooie herinneringen ophalen aan de ‘Vastelaoves tidj’. Met liedjes als ‘Ut liekt méj sjòn’, ‘Méél blieft Méél’, ‘Mamma mamma Mia’ en zo.
Marjo: Jij liever dan ik, hoop dat je een kaartje kunt scoren.
Willemien: Ja, dat hoop ik ook!
Marjo: “Ieder zinne meu:ch “ zeg ik maar weer. Ik heb niets meer met de carnaval. Vroeger vierde ik het 4 dagen. En opeens was ik het moe. In 2003 ben ik voor het laatst gaan vieren en heb ik mijn liefde ontmoet.
Willemien: Oh, die ben ik vergeten.
Marjo: Die ben je niet vergeten, ik woonde nog niet naast jou, die heb je nooit gezien.
Willemien: Ik bedoel ‘Vastelaovesliefde’ van de Brummerkes. Een top nummer. Dat nummer heeft toen het P&M liedjes festival gewonnen. Dat wordt nog goed mee gezongen.
Marjo: Maar niet door mij!
Willemien: In die jaren die volgden, kwam ik nog wel eens in een dorp “uvver de brèùch mi die daach” en het was mooi om te zien hoe vele ‘Heldesse’ dit nummer meezongen.
Marjo: Ja, dan heb je het goed gedaan als ze “uvver de brèùch” Meijels gaan zingen. Kijk uit, je loop bijna tegen een kei aan.
Willemien: ‘Dòr li ‘ne kéj béj ut gemééntjehusj al laang’…
Marjo: Als je het niet erg vindt dan draai ik hier af naar het Paradijs.
Willemien: ‘ut Is un paradisj’…..
Marjo: Tot over 2 weken!!